Ontmoetingen in de Belgische Kempen:
Guido Loockx, Tessenderlo

Voor de laatste ontmoeting met een liefhebber uit de Belgische Kempen vóór de start van vliegseizoen 2010, zoeken we de zuidoostelijke rand van de streek op. We bevinden ons dan al in de Belgische provincie Limburg, maar 50 meter zuidelijk zijn we in de provincie Brabant.

Een stukje streekgeschiedenis.

Het dorp Tessenderlo werd al in het jaar 1135vermeld als Tessederlo, maar werd in oude kronieken meestal als 'Looi' aangeduid. Het woord is afgeleid van de Germaanse term 'Taxandria – lanha'. Deze term duidt op een gebied dat begroeid is struikgewas en heide, dat eigendom was van het volk der Taxandriërs, dat zich hier (en ook in de huidige grensstreek met Nederlands Brabant) na de Grote Volksverhuizing rond het jaar 450 had gevestigd. In de Middeleeuwen ontstonden in de buurt van Tessederlo de gehuchten Schoot, Engbersen, Hulst en Schoonhees.
Vanaf de Middeleeuwen werd het gebied rond Tessenderlo ontgonnen door geestelijken zoals de bisschop van Luik, het Servaaskapittel van Maastricht en het begijnhof van Diest De belangrijkste grootgrondbezitter was echter de abdij van Averbode, welke de streek na 1135 verder tot ontwikkeling bracht door o.a. pachthoeven te bouwen.

Hoe het begon.

Om de hoofdpersoon van deze reportage te ontmoeten, moeten we in het gehucht Schoot zijn, waar Guido Loockx aan de Schoterheide woont. Onze 49-jarige gastheer studeerde in 1984 af als doctorandus in de economie en ging daarna als econoom bij een grote bank werken. Direct na het beëindigen van zijn studies nam hij het duivenbestand van zijn vader over en dat was een bestand met kwaliteit. Vader had bijv. 1e nat. Angouleme met jonge duiven gewonnen, maar door zijn drukke werkzaamheden als zelfstandig fietsenmaker in Veerle beschikte hij over te weinig tijd om de kwaliteiten van zijn duiven volledig uit te buiten. In handen van Guido gingen de prestaties echter al meteen weer de hoogte in. Daartoe kocht hij bijv. in 1985 een volledige ronde jonge duiven bij Yvo Cools in Vorst, die alleen duiven van Van Hove – Uytterhoeven onder de pannen had.
In 1989 liet Guido zich een prachtig huis aan de Schoterheide bouwen, waarvan de hele bovenverdieping bestemd was voor de duiven. Pas enkele jaren later leerde hij Helga kennen, die zijn vrouw werd. Samen hebben ze nu 2 kinderen: zoon Lennert en dochter Luka. Toen Guido 40 jaar was geworden, zegde hij zijn baan bij de bank op en besloot hij in overleg met Helga als huisman verder te gaan om daardoor over volop tijd voor zijn duiven te kunnen beschikken. Die beslissing loonde, want na het seizoen 2008 stond bij hem de teller op 21 provinciale en 3 nationale overwinningen en daarmee hoort hij zonder enige twijfel tot de nationale top op de lichte of kleine fondvluchten. In 2009 voegde hij daar nog 2 provinciale overwinningen aan toe, daarmee zijn status nog eens dik onderstrepend!

Toen Guido naar Tessenderlo verhuisde, nam hij de beste duiven van vader mee, waarbij hij het geluk kende, dat twee van de beste duiven die hij bij Ivo Cools gehaald had, zich op het nieuwe adres ontpopten als fantastische kwekers. Guido had echter grotere ambities en klopte in 1991 aan bij Jules Engels en zonen in Putte en bij Daems & Zoon in Bevel, waar hij ook de volgende jaren nog regelmatig aanklopte om zich te versterken. Uit een doffer van Engels en een duivin van Daems werd in 1996 de 'Pantani' BE96-6038445 geboren, welke 2 jaar later 1e nat. Bourges won en in 1999 voor België werd uitgezonden naar de Olympiade van Blackpool. De beste beslissing welke Guido ooit nam, was om deze 'Pantani' ondanks enkele lucratieve aanbiedingen niet te verkopen, maar voor de kweek te bestemmen. Momenteel zit zijn bloed in alle aanwezige kweekkoppels, soms via de doffer, soms via de duivin en soms via beide. Zo is de "Prinses' een kleindochter van hem; zij won 1e nat. Bourges in 2004, terwijl de 'Rossini' gekweekt werd uit een kleinzoon en kleindochter van 'Pantani'. Een ander kleinkind is 'Mrs. Blue Sky', welke in 2009 op de Olympiade van Dortmund haar land vertegenwoordigde in de categorie fond.
De beste nakweek gaf 'Pantani' met de duivin 'Zwarte Pol', die geboren werd uit een samenkweek met Pol Taels. Deze had de vader (100% soort Gommaire Verbruggen uit diens lijnen 'Kletskop', 'Teen' en 'Kadet') gekocht op een verkoop van jonge duiven van Felix van Oosterwijck. In 1994 kocht Guido een doffer uit het beste koppel van André Slaets in Lint, dat bestond uit een zoon van de 'Kadet' van Meulemans en een dochter van de 'Panter' van Verstraeten. Twee jaar later trok Guido naar Dentergem om bij Gaby Vandenabeele liefst 19 duiven aan te kopen waaronder 3 uit diens 'Wittenbuik' en nog eens drie uit de 'Turbo'. Die schonken – vooral gekoppeld aan kinderen en kleinkinderen van 'Pantani' - zoveel voldoening, dat Gaby en Guido later aan samenkweek deden. Het beste kweekkoppel van dit moment wordt gevormd door een zoon van de 'Pantani'met een zuivere Vandenabeele-duivin. Zij zijn o.a. de ouders van 'Prinses' (1e nat. Bourges in 2004) en de 'Zitter' (1e semi-nat. asduif) en grootouders van 'Zoë'(1e prov. Argenton en beste jonge duif over de 4 nationale vluchten in 2008), 'Cloë' (1e prov. Gien) en van 'Triple', welke 1e prov. Gueret won.
Guido bleef ook na deze successen op zoek naar versterkingen en haalde o.a. nog 5 jongen uit het superkoppel van dorpsgenoot Walter Grieten en bij Marcel Fransen uit Veerle een dochter van 1e nat. Vichy. Door samenkweek met dokter Fernand Mariën kreeg hij ook jongen van de soort Gerard Koopman op het hok (uit 'Pantani' x zus van 'Kleine Dirk'). Eén daarvan was genoemde 'Mrs. Blue Sky'.
De laatste aanwinsten komen van Van Avondt & Zoon te Haacht (o.a. een broer van diens 'Million'), Deno – Herbots, Erwin Geeraerts uit Nieuwerkerken en van Patricia Verhaeghen uit Aerschot. Deze laatste werd gekoppeld met een dochter van 'Prinses' en daaruit kwam de nieuwste super, die op aandringen van zijn kinderen de naam 'Kai Moon' kreeg. Deze naam komt uit het Thais en betekent 'Parel'. Lennert en Luka bedachten deze naam nadat in de Zoo van Antwerpen een jong olifantje was geboren, dat ook deze naam kreeg.

Van de hoed en de rand.

Eind november werden alle kweekduiven tegelijk gekoppeld alsmede één van de 3 afdelingen met vliegduiven, zodat de eieren van de kwekers bij de laatste konden worden ondergeschoven. Twee weken later werd weer een afdeling vliegduiven gekoppeld, zodat ook de tweede ronde eieren van de kwekers kon worden overgelegd naar vliegduiven en weer 2 weken later herhaalde zich dat nogmaals met de derde groep vliegduiven. Voor de beste kweekdoffers had Guido 2 duivinnen beschikbaar, zodat er in een betrekkelijk korte periode veel jongen van de kweekduiven gekweekt konden worden. De kweekduiven krijgen hier elk jaar met een andere partner en van de beste worden 4 rondes gekweekt. Bij het samenstellen van de koppels worden de lijnen waaruit eerder goede jongen werden gekweekt samen gebracht. Daarbij spelen model, oogkleuren en andere lichamelijke kenmerken geen enkele rol, maar van iedere duif wordt bij de selectie een goede, evenwichtige bouw verwacht. De jongen van de superkwekers worden vaak niet eens gespeeld, maar direct op het kweekhok gezet!
Bij de vliegduiven worden de jongen gespeend als ze ongeveer 4 weken oud zijn. Guido heeft er varen dat zijn duivinnen niet zo snel weer met eieren komen, maar lokt dit ook niet uit door bijv. een extra schotel in de nestbak te zetten. Bij het spenen worden meteen ook de vliegduiven gescheiden en in 2009 werden die vóór het vliegseizoen niet opnieuw gekoppeld. Dit heeft volgens Guido als bijkomend voordeel, dat hierdoor de opbouw van de training niet wordt verstoord, want in het huidige duivenspel moet de goede vliegconditie al vroeg aanwezig zijn! Overigens gingen de vliegduiven pas op 17 april voor het eerst in de manden van de maatschappij en dan nog als portduif, dus zonder er geld op te zetten.
Vanaf begin maart gaan de vliegduiven – als het weer het toelaat - dagelijks los voor een training. Het trainingsschema gaat met het weer op en af, maar in volle seizoen trainen aan 25 gram mengeling zeker niet genoeg hebben de weduwnaars van 7 tot 8 en van 16 tot 17 uur, maar de duivinnen alleen 's morgens van half tien tot half elf. Vanaf half een gaan dan nog de jonge duiven los en die blijven buiten tot ze echt uitgevlogen zijn. Overigens komen de jonge duiven hier op het tweede plan, want de meeste aandacht gaat uit naar het spel met de oude duiven.
Vóór de start met de vluchten brengt Guido de duiven twee maal naar 25 kilometer, twee maal naar 40 en tenslotte nog twee maal naar 70 kilometer en aan de wijze waarop ze dan naar huis komen wordt veel belang toegedicht. Vóór de inkorving voor een wedvlucht krijgen de vliegduivinnen meestal hun partner een tijdje bij zich, terwijl bij de weduwnaars wordt volstaan met het omdraaien van de schotel. Na thuiskomst mogen de partners minstens 90 minuten bij de vliegduiven blijven en het gebeurt nogal eens dat ze samen mogen uitvliegen. Na een vlucht boven 500 kilometer mogen de partners er tot de volgende morgen bij blijven. Aan het eind van het seizoen wordt een deel van de duivinnen op nest gebracht en dan samen met de jonge duiven midweeks opgeleerd. De weduwnaars vliegen om de 2 weken een vlucht van 400 tot 700 km, terwijl de duivinnen beurtelings eens een vlucht overslaan om goed te recupereren; vaak volgt na deze extra rust een superprestatie!

Voor de voeding worden alleen de seizoensgebonden mengelingen van Beijers gebruikt. In het vliegseizoen krijgen de vliegduiven aan het begin van de week half om half diëet- en sportmengeling en de volgende dagen 100% sportmengeling. De duiven krijgen altijd genoeg te eten, maar nooit volle bak. Als er enkele naar de drinkbak gaan wordt met voeren gestopt. Guido is van mening, dat duiven die wekelijks een vlucht tussen 300 en 600 km voor de kiezen krijgen, aan 25gram mengeling per dag zeker niet genoeg hebben. Hij hanteert daarom een vaste maat, maar voert niet met de lepel. 'Hoe meer ze eten, hoe beter ze trainen en hoe beter ze trainen, hoe beter ze presteren. Dit is een vaste cirkel, die niet mag worden doorbroken. Aan het begin van de week gaan er één keer vitamineralen, conditiepoeder en vloeibaar schapenvet over en door het voer. Als de duiven na hun training worden binnen geroepen krijgen ze altijd wat snoepzaad en enkele pinda's en tegen de inkorving krijgen ze daarvan wat meer. Bij thuiskomst zitten er wel elektrolyten en druivensuiker in het drinkwater, maar dat kan men bezwaarlijk medicijnen noemen.
De jonge duiven worden aanvankelijk licht gevoerd, maar zodra de hafovluchten op het programma staan, krijgen ze dezelfde mengeling als de oude vliegduiven en ook volgens het schema dat bij de oude duiven wordt gehanteerd. Aan hun drinkwater wordt regelmatig Naturaline toegevoegd. Guido meent dat daardoor hun mest beter is en dat er door de Naturaline minder gevaar is voor het uitbreken van een adeno-plaag.

Voor de medische begeleiding gaat Guido regelmatig naar dokter Fernand Mariën of naar dierenarts Herbots. Hij speelt nooit zelf voor dierenarts en geeft dus ook geen blinde kuren. De enige kuur welke wekelijks op het programma staat is een kuur tegen trichomonase vóór het begin van de vluchten.

De huisvesting.

Zoals gezegd is de hele bovenverdieping van het huis voor de duiven bestemd. Op die verdieping zijn 6 afdelingen gecreëerd, waarop 30 weduwnaars en een aantal kweekkoppels zijn gehuisvest. Daarnaast zijn er nog 7 kweekboxen voor de topdoffers, die dus om de 2 weken een andere partner krijgen. Hierdoor is Guido bij deze doffers zeker van de afkomst van de jongen, terwijl er ook weinig gevaar bestaat dat er eieren worden kapot gevochten. Een nadeel is, dat de doffers op de duur weinig stimulans hebben om tot koppeling over te gaan.
In de tuin staan nog drie houten hok met een totale lengte van 25 meter en12 afdelingen. Bóór al deze hokken zijn rennen geplaatst, waarin de duiven overdag verplicht verblijven al was het alleen maar om van een overvloed aan verse lucht te kunnen profiteren. Het spreekt voor zich, dat de rennen per afdeling zijn gescheiden, zodat er ook geen oogcontact tussen de geslachten kan zijn. In de hokken heeft Guido een vernuftig systeem aangebracht voor de duivinnen die op weduwschap worden gespeeld. Tegen de achterwand zijn per afdeling 20 nestbakken geplaatst. Als de duiven na een vlucht worden gescheiden, worden daar 3 bakken voor geplaatst, die precies in elkaar passen en daarin zijn de zitkapelletjes zodanig aangebracht, dat de duivinnen hun buurvrouwen niet kunnen zien.
Op alle afdelingen bestaat de vloer uit houten roosters, waardoor het kuiswerk tot een minimum wordt beperkt.

Jonge duiven.

Zoals gezegd krijgen deze de minste aandacht. Na het spenen worden ze meteen tussen 18 en 8 uur verduisterd en dat duurt tot 21 juni. Eind juni worden de geslachten gescheiden en vanaf dat ogenblik worden de junioren op de deur gespeeld. Als ze eenmaal goed zijn opgeleerd en in goeden doen zijn, moeten ze wel enkele van de nationale vluchten afwerken.

Enkele toppers.

De kolonie van Guido Loockx telt een flink aantal duiven die men gerust als uitstekend mag betitelen, maar we kunnen deze onmogelijk allemaal voor het voetlicht brengen. Daarom doen we een keuze.
De eerste keus geldt 'Kai Mook' BE08-5002089, die gekweekt werd uit een broer van 'Super Patricia' van Patricia Verhaeghen (daar gekweekt uit 'Grijze Kannibaal' van Dirk van Dijck x 'Jackpotduivin, welke een super kweekduivin is gebleken) met een dochter van de 'Prinses' (uit 'Lichte Pantani' x 'Prinses'). 'Kai Mook' won o.a.

Losplaats spel a.d. pr.
Bourges prov. 2.181 1
Gien prov. 2.026 4
Argenton nat. 21.092 18
Pithiviers prov. 1.017 5
Montlcon nat. 9.350 40
Chateauroux prov. 2.938 40
Gien prov. 4.677 51

Een tweede superduif is 'Mrs. Blue Sky' met ringnummer BE06-5020619, welke België in 2009 vertegenwoordigde op de Olympiade van Dortmund. Zij komt uit het koppel 'Kleine Fernand' (uit 'Pantani' met een zus van 'Kleine Dirk' van Gerard Koopman via dokter Mariën) x BE02-6455404, die ook van dokter Mariën kwam en een dochter is van 'Kleine Maurice' x 'Blauwe van Jos van der Veken, Retie'. 'Mrs. Blue Sky' verdiende haar Olympische missie o.a. dankzij de volgende resultaten:

Chateauroux prov. 2.772 2
Chateauroux prov. 3.969 2
Chateauroux seminat. 8.218 3
Montlucon prov. 4.028 2
Montlucon prov. 1.796 4
Montlucon seminat. 7.302 5
La Souterr. Prov. 667 4
La Souterr. Nat. zone C 1.862 7
La Souterr. Nat. 4.314 22
Pithiviers lokaal 1.123 12
Argenton prov. 2.527 20
Argenton seminat. 4.640 52
Chateauroux prov. 2.735 25
Chateauroux seminat. 8.216 64
Argenton seminat. 3.144 63

We sluiten het overzicht af met 'Beauty Souillac' BE07-5037015, welke een dochter is van de 'Souillac' (uit 'Zoon Wittenbuik' van Gaby Vandenabeele x 'Laat Hoppel' van Alfons Slaets uit Lint) gekoppeld aan 'Panzani' BE02-5030069. 'Panzani' kweekte Guido uit 'Pantani' met de duivin 'Zwarte Pol', die ook moeder is van "Vooruit Pantani' en grootmoeder van 'Prinses' (1e nat. Bourges) en van 'Aske', die uit de 'Olympiade' van Flor Vervoort kwam. '
Beauty Souillac' kan bogen op de volgende prestaties:

Chateauroux prov. 2.424 3
La Souterr. prov. 2.038 4
Sens prov. 2.397 5
Pithiviers lokaal 925 8
Gien prov. 2.221 15
Nanteuil prov. 12.502 16
Gien prov. 2.763 22
La Souterr. seminat. 4.659 40

Uitslagen 2009.
Nu volgt een beperkt aantal uitslagen die in seizoen 2009 werden behaald.

Dat. Losplaats a.d. cat. afst. mee a.pr. prijzen
0205 Pithiviers 925 oud 378 25 17 4, 8, 32, 36, 43, 5, 60, 68, 71, 74, 91 enz.
0205 idem 995 jrl 378 56 34 2, 3, 6, 17, 18, 20, 37, 38, 44, 64, 65, 71, 86, 88, 89, 94 enz.
0905 Pithiviers 916 oud 378 25 18 3, 7, 8, 9, 14, 15, m16, 19 enz.
0905 idem 1.017 jrl 378 52 33 2, 3, 5, 8, 14, 18, 20, 24 enz.
2305 Bourges 3.165 oud 479 24 18 10, 11, 15, 49, 60, 70, 84, 97 enz.
2305 idem 2.181 jrl. 479 52 33 1, 4, 9, 11, 15, 23, n25, 28, 34, 35, 36, 51, 59, 64, 85, 94, 97 enz.
3005 Gien 2.221 oud 410 12 8 2, 5, 15, 16, 18, 31, 40 enz.
3005 idem 2.026 jrl. 410 32 25 4, 5, 7, 8, 9, 10, 11, 12, 15, 19, 22, 26, 28, 29, 46, 65 enz.
0706 Chateauroux 2.424 oud 529 20 17 2, 3, 10, 11, 13, 15, 38, 40, 49 enz.
0706 idem 2.938 jrl. 529 45 24 2, 3, 4, 5, 7, 8, 10, 13, n18, 34, 38, 39, 40 enz.
0808 Argenton 857 oud 558 12 7 2, 4, 6 enz.
0808 idem 5.042 oud nat. 558 12 7 9, 12, 19 enz.
2208 La Souterr. 676 oud 595 22 17 3, 5, 6, 14, 16, 19, 25, 26, 27, 49, 51, 63 enz.
2208 idem 1.165 jong 595 2 1 7e
0509 Gueret 1.131 oud 590 25 18 2, 14, 29, 35, 39, 44, 61, 62, 86 enz.
0509 idem 2.636 oud zone 590 25 15 4, 32, 59, 75, 79, 88 enz.

Epiloog.
Als u het vorenstaande goed hebt gelezen, hebt u ook kunnen ontdekken, dat Guido Loockx een prima presterende liefhebber is, die andere liefhebbers ook iets te vertellen heeft. Met name de stamopbouw geeft interessante details over zijn kijk op de duivensport en op wat hij nodig acht om tot aanvaardbare prestaties daarin te komen.
Nu is het natuurlijk wel zó, dat lang niet iedere duivenliefhebber over de mogelijkheden beschikt, die Guido ten dienste staan. Met name liefhebbers die er nog dagelijks op uit moeten om een fatsoenlijke boterham te verdienen, komen wat dit betreft nog veel tekort. Maar… als men met dezelfde passie en totale opoffering te werk wilt gaan (zonder de familie te benadelen!) zijn er voor iedereen nog mogelijkheden om in zijn voetspoor te treden. Goede duiven hoeft men niet altijd voor veel geld te kopen; een goede vriendschap biedt hier vaak uitkomst in! Zo'n vriendschap kan de beoefening van de duivensport én het functioneren als mens alleen maar ten gunste komen!
Mijn zwerftocht door de Belgische Kempen zit er voor de achterliggende periode weer op. Intussen heb ik weer adressen van geweldige liefhebbers uit dezelfde streek gekregen, waar ik ook interessante verslagen of reportages kan gaan maken. Daarmee ga ik na het vliegseizoen 2010 bij leven en welzijn weer aan de slag.


Oosterhout MARTIEN KOREMAN